" Sta op, HEERE God "
( ook in mijn leven !!)
Wanneer we goed ( in het
Hebreeuws) naar deze psalm kijken,
zien we het schema
van het Hebreeuwse alfabet.
Dat begint in psalm 9 en loopt door in psalm 10. Hierdoor ontstaat er een schitterend dichtwerk.
Ook de inhoud is in beide psalmen hetzelfde.... Het gaat over de vijanden
van David.
Alleen is er wel een verschil :
In psalm 9 gaat het over heidenen.
In psalm 10 gaat het over goddelozen.
Goddelozen zijn mensen die wel weten dat er een God is,
maar die er totaal geen rekening mee houden.
Zij hebben God niet nodig en zij denken alles te kunnen doen en laten...
En juist dat alles " kunnen doen en laten" , maakt het de gelovigen zo
moeilijk.
Want dat kunnen ook ( mede) gelovigen zijn ........
Psalm 10 begint gelijk met
de uitroep :
" o Heere ! waarom staat Gij van verre ?
Waarom verbergt Gij U in tijden van benauwdheid ?"
Deze uitroep herkennen wij maar al te goed.
Ook in onze tijd kunnen we ons zo oneerlijk behandeld voelen
met als gevolg een diepe machteloosheid.
Die machteloosheid wordt dan ook nog versterkt
door de voorspoed, de winst en de "zogenaamde" eerlijkheid van die ander.
Waar bent U God ? Ziet U het dan niet ?
En als God het dan niet ziet of hoort , is de reactie van de goddeloze:
" Mij kan niemand wat maken " en hij gaat door met het maken van al zijn
plannen.
Of zoals het in vers 4 staat :
De goddeloze,
gelijk hij zijn neus omhoog steekt, onderzoekt niet; al zijn gedachten zijn,
dat er geen God is.
De dichter van psalm 10
heeft ook met deze mensen te maken.
En niet zo zuinig ook !!
Lees maar eens wat hij zegt over deze mensen in de verzen 3 t/m 11 !!!
- hij zegent de gierigaard, hij lastert (veracht) de Heere.....
vers 3
- hij denkt alles te kunnen doen, hij hoeft geen verantwoording te geven van
zijn daden
Er is toch geen God.....
vers 4
- Hij beschuldigt zijn tegenstanders van leugens en alles wat hij doet gaat
goed......
vers 5
- Hij voelt zich de sterkste en denkt dat niets hem kan tegenhouden of kan
doen vallen .....
vers 6
- Hij vloekt, hij liegt, hij dreigt, hij is één al oneerlijkheid.....
vers 7
- Hij loert op zwakke, onschuldige ( weerloze ) mensen en probeert ze
(figuurlijk? ) te doden.....
vers 8
- Hij is als een leeuw verborgen in het struikgewas en grijpt deze
mensen....
vers 9 en 10
- Hij denkt alles te kunnen doen en laten,
want God vergeet het en ziet het niet (het valt allemaal wel mee).....
vers
11
" o Heere ! waarom
staat Gij van verre ?
Waarom verbergt Gij U in tijden van benauwdheid ?"
( psalm 10 vers 1)
Hoe kun je nog ( blijven )
geloven met zoveel onrecht, met zoveel geweld ?
Bijna zou je net zoals die goddelozen worden !!
Die mensen leven in voorspoed, het gaat hun (met al hun hoogmoed en
oneerlijkheid) voor de wind !!!
Wat moet je dan als gelovige ?
Werd in vers 1 nog gevraag aan God : " Waarom, HEERE ? "
In vers 12 roept de psalmdichter het uit : " Sta op, HEERE God "
De dichter doet een beroep op Gods Woord... op Gods Naam !!
Hier spreekt geloof tegen ongeloof !!
Met ongeloof ziet de psalmdichter het kwaad en de goddeloosheid (een wereld
zonder God)
om zich heen.
In het geloof roept hij tot zijn God....
Dat is het geloof van psalm 77 vers 12:
Ik zal de daden van de HEERE gedenken; ja, ik zal gedenken de wonderen van
ouds her.
De dichter houdt zich vast aan Gods woorden en daden.
En dan ziet de wereld er anders uit :
Waarom zouden de goddelozen zo maar door kunnen gaan met hun ongeloof ?
Waarom zouden zij denken dat God het niet ziet ? ( vers 13 )
God ziet het wél !!! God ziet het verdriet, de pijn en weegt het in Zijn
hand.
God komt de zwakke (weerloze) mens te hulp. ( vers 14)
De dichter wist het wel en weet het nu weer zeker :
God zal de macht van de goddelozen breken en weg doen. ( vers 15 )
Het diepe (geloofs)vertrouwen
klinkt door in vers 16 :
" De HEERE is Koning
voor eeuwig en altijd; de heidenen zijn vergaan uit Zijn land."
De psalmdichter vertrouwt op wat God heeft gezegd, heeft
gedaan en zal doen.
En wat heeft God dan gezegd en gedaan en wat zal Hij doen ?
God heeft Verlossing beloofd ( genesis 3 vers 15)
En Ik zal vijandschap zetten tussen u en tussen
deze vrouw,
en tussen uw zaad en tussen haar zaad ( nageslacht) ;
dat zal u de kop vermorzelen, en gij zult het de verzenen (hiel)
vermorzelen.
God heeft Verlossing gegeven ( Lukas 2 vers 10 en 11)
En de engel zeide tot hen: Vreest niet, want, ziet, ik verkondig u
grote blijdschap,
die voor al het volk wezen zal;
Namelijk dat u heden geboren is de Zaligmaker, welke is Christus, de Heere,
in de stad Davids.
Gods Koninkrijk zal komen en heersen tot in eeuwigheid ( Openbaring
21 vers 3 )
En ik zag een nieuwen hemel en een nieuwe aarde;
want de eerste hemel, en de eerste aarde was voorbijgegaan, en de zee was
niet meer.
En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, nederdalende van
God uit den hemel,
toebereid als een bruid, die voor haar man versierd is.
En ik hoorde een grote stem uit den hemel, zeggende:
Ziet, de tabernakel Gods is bij de mensen, en Hij zal bij hen wonen, en zij
zullen Zijn volk zijn,
en God Zelf zal bij hen en hun God zijn.
In dit vertrouwen kan de
dichter ook ons vertroosten
met de woorden van vers 17 en 18 :
God zal de gelovigen bemoedigen en horen....(vers 17)
God zal recht spreken en in Zijn Koninkrijk zal er geen geweld meer
zijn....(vers 18)
Wat een vooruitzicht, wat een toekomst !!!
In Openbaring 21 vers 4 t/m 7 wordt daar van verteld:
En God zal alle
tranen van hun ogen afwissen; en de dood zal niet meer zijn;
geen rouw, geen jammerklacht, geen moeite zal meer zijn;
want de eerste dingen (wat er was - dus ook de goddelozen met hun daden)
zijn weggegaan.
En Die op den troon zat, zei: Ziet, Ik maak alle dingen nieuw.
En Hij zei tot mij: Schrijf, want deze woorden zijn waarachtig en getrouw.
En Hij sprak tot mij: Het is geschied. Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin
en het Einde.
Ik zal de dorstige geven uit de fontein van het water dat Leven geeft.
Die overwint, zal alles beërven; en Ik zal hem een God zijn, en hij zal Mij
een zoon zijn.
Maar na deze verzen uit
Openbaring klinkt ook de waarschuwing,
die in het tweede gedeelte van psalm 10 vers 16 klinkt :
"de heidenen zijn vergaan
uit Zijn land."
Want in Openbaring 21 vers 8 staat:
Maar voor hen die laf, trouweloos en ongelovig
zijn geweest,
die zich hebben ingelaten met gruwelijke dingen, met moord, met ontucht,
toverij, of afgodendienst,
voor lalen die de leugen hebben gediend: hun deel is de vuurpoel met
brandende zwavel,
dat is de tweede dood.
Psalm 10 laat de wereld zien
met al zijn pijn en verdriet...
Psalm 10 laat de goddeloze zien met zijn hoogmoed...
Psalm 10 laat zien dat de goddeloze en heiden zal vergaan...
Psalm 10 laat de gelovige met zijn vragen en twijfels zien...
Psalm 10 laat geloofsvertrouwen zien...
Psalm 10 laat God als Koning zien voor eeuwig en altijd...
Psalm 10 laat zien....
dat God - ook al lijkt het niet - mij hoort
dat God - ook al lijkt het niet - mij ziet
dat God - ook al lijkt het niet - dichtbij mij is
dat God - ook al lijkt het niet - regeert en eeuwig zal regeren.
Ja
Kom Heere Jezus,
Kom in mijn leven,
Kom terug op aarde.
|